fbpx

Herinneringen aan het Droogdok: Gerrit Bravenboer (deel 1)

“Ik heb hier wat foto’s uit de tijd die ik hier gewerkt heb.
Hebben jullie daar wat aan?”
Daar zeggen we geen nee tegen!
Even later zitten we tegenover Gerrit Bravenboer, 82 jaar jong en geboren en getogen Hellevoeter
We halen we herinneringen op…

Firma Kok

Amper 15 jaar oud meldde hij zich in 1947 bij de firma Kok.
Een handelaar in oud ijzer en oude metalen, dat zich net na de oorlog had gevestigd.
“Hebben jullie werk voor me? ” klonk het.
“Ik had net 7 jaar lagere school achter de rug dus geen echte opleiding.”
Maar dat bleek geen probleem.
“De firma handelde in alles wat na de oorlog boven water kwam.
Voornamelijk binnenvaartschepen.

Sleeën

De wrakken werden aangeleverd op een zolderschuit.
Ze werden met sleeën op de wal getrokken en gesloopt.
Soms werd van twee schepen één gemaakt.
Er was er zelfs eentje bij vol met aluminium.
Die heeft haar bestemming nooit gehaald.

Klinkhamerploeg

Gerrit begon zijn loopbaan in de klinknagelploeg.
Vier man sterk zorgden ze voor het met klinknagels aan elkaar bevestigingen van de ijzeren platen.
Eerst als insteker, om de gloeiendhete nagels in de openingen te plaatsen.
Daarna als heetmaker van de nagels, aanhouder (tegenhouden van de nagels met een zogeheten ‘paardenpoot’).
En tenslotte als klinker die met de luchthamer de nagel bevestigde.
“Het was flink aanpoten, want de klinker stond op provisiebasis.
Een dikke 800/900 nagels per dag was geen uitzondering.
Lukte dat niet dan kreeg je ervanlangs.” 

Bateau Porte

Begonnen in de klinknagelploeg verrichtte hij ook de nodige reparatiewerkzaamheden.
Het herstel van de Schipdeur was er een van.
“De schipdeur, de Bateau Porte hebben we in het timmerdok drooggezet.
Met hoogtij gingen de sluisdeuren dicht en zo kon hij net over de drempel heen.
De schipdeur hebben we helemaal gereviseerd, nieuwe kokosmatten aangebracht en in de sponningen teruggeplaatst.
Toen konden we verder met de rest van het Dok.”

Stoommachines

“Op een gegeven moment zijn we ook begonnen de oude stoommachines we aan de praat te krijgen.
Overhalen heet dat in ons vakjargon.
Dat lukte uiteindelijk.”
Om onverklaarbare redenen zijn ze verdwenen.
Het verhaal gaat dat een handelaar in oude metalen zich erover heeft ‘ontfermd’.
”De machines waren van brons en dus goede handelswaar.
Ook hadden we een oude GMC-vrachtwagen voorzien van een zogeheten winch.
Overgehouden uit de oorlog.
Daarmee konden we de platen in het dok laten zakken.”

Tekst: Jacques Verheijen

Herinneringen aan het Droogdok: Gerrit Bravenboer (deel 2)

Gerrit Bravenboer koestert zijn herinneringen aan zijn werkzame tijd bij Droogdok Jan Blanken.
Gerrit begon zijn loopbaan in 1947 bij de klinknagelploeg de firma Kok, handelaar in oud ijzer en oude metalen.
Het bedrijf had zich net na de oorlog op het terrein van het Droogdok had gevestigd.
Het verpauperde dok werd in die tijd weer bruikbaar gemaakt.

Nautic

Een nieuwe huurder van het Dok meldde zich: De firma Nautic uit Spaarndam.
”Zij repareerden gezonken schepen uit Duitsland als herstelbetaling.”.
De komst van een IJslandse trawler staat Gerrit nog helder op het netvlies.
“Voor die tijd een joekel van een schip.
Kon er net in.
De kop tegen de deuren, de kont tegen de Bateau Porte.
Het was de eerste echte dokking na de marine tijd.
Het schip hebben we voor het onderwatergedeelte helemaal gerepareerd.
Tijdens deze periode werden ook de aquaducten, intussen vol gelopen met blubber, schoongemaakt.

Niestern

Een volgend bedrijf diende zich aan.
Onder andere Niestern.
Gerrit maakte het niet meer mee.
Hij koos voor een baan in de scheepvaart.
Koopvaardij, Loodswezen (betonning). Holland America Lijn.
Uiteindelijk belandde hij bij de RDM.
Gerrit koestert de foto’s uit zijn Dok-tijd.
Voor ons zijn de foto’s een dankbare aanvulling op het archief.